Een bibliotheek zonder boeken

(Stukje gepubliceerd in Erasmus Magazine 5 maart 2015)

De UB voert op dit moment haar boeken af. Waarheen is onduidelijk, maar een medewerker die ik sprak, had het over ‘externe opslagplaatsen’ en ‘saneren.’ Of dat laatste waar is, is nergens te vinden, maar een recent nieuwsbericht over een boekenschenking aan de Filipijnen spreekt boekdelen. Na deze grote boekverpanding en een verbouwing die alles “lichter, ruimer en transparanter” moet maken, hoopt de UB “klaar te zijn voor de toekomst.” Maar de boeken komen niet terug. Alleen het hoogst nodige wordt twee keer per dag op transport gezet. Dus de bibliotheek, doet de boeken weg, om ruimte te besparen.

Mij lijkt dit een weinig vanzelfsprekende keuze, met ingrijpende gevolgen. De ogenschijnlijke achteloosheid waarmee het gebeurt, roept bij mij bovendien grote vragen op. Want wat is de status en de waarde van een universiteitsbibliotheek en welke bevoegdheden heeft haar bestuur? Hoe meer ik hier over nadenk, hoe vreemder het wordt. Is dit serieus mogelijk? Algemene academische discussie en betrokkenheid lijken mij dringend noodzakelijk.

Missie en visie?

Onder het kopje ‘missie en visie’ op haar website, stelt de UB zichzelf “de ambitie de datamanager te worden van de universiteit”. De afgelopen jaren werden veel data via de UB inderdaad gemakkelijker toegankelijk gemaakt. Wat echter steeds moeilijker toegankelijk is geworden, is de eigen collectie. Al jaren valt deze steeds meer weg achter de aanzwellende datamassa, want voor een ‘datamanager’ is alle data gelijk.

Nu heeft een bibliotheek natuurlijk meer taken dan ‘datamanagement.’ In de hele ‘missie en visie’ is hier echter niets over te vinden. Het woord ‘boek’ wordt niet eens genoemd. Het gemak waarmee de collectie thans wordt afgeschreven is, hangt nauw samen met deze simpele visie. Door de nadruk op ‘datamanagement’ en ‘dienstverlening’ worden in de waan van de dag, andere essentiële eigenschappen van een universiteitsbibliotheek uit het oog verloren.

Wat dan?

Over archiveren wordt bijvoorbeeld niets gezegd. Het bijhouden van informatie voor deze universiteit, heeft over de jaren een zeer specifieke collectie voortgebracht. Deze collectie is nauw verbonden met de historische wetenschappelijke ontwikkeling. De wortels van de expertise waarmee wij ons vandaag de dag onderscheiden en waarin wij thans excelleren, liggen in deze bibliotheek.

Deze collectie is het best denkbare en meest diepgravende archief voor de huidige academische gemeenschap. De wijze waarop hiermee wordt omgegaan is inhoudelijk verbonden met de kennis en het onderzoek van nu. Keuzes over afvoeren, uitdunnen of uitrangeren van de bibliotheek, zijn daardoor keuzes van groot waarderend belang en overstijgen de verantwoordelijkheden die een ‘datamanager’ kan dragen.

Zeker omdat een universitaire bibliotheek in haar fysieke zichtbaarheid en beschikbaarheid ook een symbolische waarde heeft. De plaats die wij haar geven, vormt onze verhouding met de geschiedenis. Zorg hiervoor is meer dan ‘dienstverlening.’ Het is een morele verantwoordelijkheid naar het verleden en een morele verplichting aan de toekomst.
Corebusiness?

En tenslotte is het ook strategisch onbegrijpelijk. Datamanagement is belangrijk, maar toch niet de meest vruchtbare corebusiness voor de toekomst? Deze doelstelling is geschreven met de taal en logica van competitief concurrerende bedrijven. Denkt de UB werkelijk op het gebied van datamanagement te kunnen concurreren met de markt? Uiteindelijk koopt de universiteit haar diensten en datamanagement, net als nu, gewoon in bij de grote commerciële jongens die dit altijd beter en goedkoper kunnen leveren. En de UB kan dit vervolgens (blijven) beheren en beschikmaar maken, als een van haar vele taken.

Er liggen overigens wel andere strategische kansen. De UB heeft één unique selling point met goede toekomstperspectieven in de globaliserende informatiemarkt: haar eigen collectie.

Echt?

De argeloze vanzelfsprekendheid waarmee het bestuur van de UB zichzelf tot ‘datamanager’ kroont en de bibliotheek afvoert, is voor mij onbevattelijk. Of begrijp ik het verkeerd? Zie ik een zorgvuldig georganiseerd academisch draagvlak over het hoofd? Want anders is het hoog tijd om ons af te vragen of de funeste toekomstwaan achter deze onnozele gretigheid, in de echte toekomst valt te verantwoorden.

Want, hallo! De bibliotheek doet gewoon de boeken weg! Echt! De UB, vergooit op dit moment kansen voor een toekomst, die meer zoekt dan data. En daar zitten ze dan, met een transparante bibliotheek vol studieplekken, internetaansluitingen, bespreekruimten, printers, datamanagers, workshops en datacontracten, waar het bier op gigantische centennial feesten de hele nacht rijkelijk vloeit; maar zonder boeken. Echt! Een bibliotheek, zonder, boeken.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *